Op deze pagina vindt u informatie over de door de FCI erkende hondenrassen en hondenrasgroepen.
De informatie is bedoeld voor u als leidraad bij het kiezen van een voor u geschikt hondenras. Leest u vooraf de informatie over de aanschaf van een hond onder de knop 'Aanschaf & verzorging van je hond'.
De ruim 330 internationaal erkende hondenrassen zijn ingedeeld in tien rasgroepen. De hondenrassen in deze rasgroepen hebben vaak een gezamenlijk kenmerk in uiterlijk, karakter of in het werk of gebruik dat de rassen vroeger en soms ook nu nog uitvoeren.
De stamboom die door de Raad van Beheer wordt uitgegeven is uitsluitend een afstammingsbewijs en zegt niets over onder andere de gezondheidstoestand van de op de stamboom vermelde honden.
Als u op zoek bent naar een rashond dan kunt u via de rasgroepen een voorselectie maken. Binnen de rasgroepen kunt u dan weer verder selecteren op een hondenras dat aan uw wensen voldoet én aan wiens eisen u voldoet.
Wij adviseren u bij de aanschaf van een rashond altijd contact op te nemen met de door de Raad van Beheer erkende rasvereniging voor meer informatie. U vindt de gegevens van de erkende rasverenigingen bij elk ras onderaan de pagina. Veel rasverenigingen hebben een speciale afdeling pupbemiddeling voor nieuwe potentiële puppyeigenaren. Bent u op zoek naar een oudere hond dan kunt u via de rasvereniging terecht voor een zogenaamde herplaatsingshond.
Ook via een bezoek aan een honden-activiteit (hondenshow, hondensport, werkproef, etc) kunt u één of meerdere rassen bekijken en meer informatie van fokkers en eigenaren krijgen.
Wij wensen u veel voorpret en succes met de verantwoorde keuze voor een nieuwe huisgenoot.
Uit Japan afkomstige veelzijdige hond, die eind negentiende, begin twintigste eeuw, onder meer om zijn gebruiksmogeljkheden te vergroten, vaak is gekruist met andere rassen. Daarbij evolueerde hij van middenslag tot grote hond. Na de Tweede Wereldoorlog is het ras opnieuw opgebouwd. Het flinke formaat bleef behouden, voor het type ging men terug op de vanaf 1600 in Akita voorkomende ´Akita Matagis', die daar in gebruik was als jachthond.
Algemeen voorkomen
Groot, robuust gebouwd, met veel substantie. Straalt adel en waardigheid uit.
Schofthoogte
Reuen 67 cm, teven 61 cm, met een variatie van 3 cm naar boven of beneden.
Gewicht
30-35 kg
Vacht
Kortharig, met harde dekharen en zachte onderwol, in rood, sesam (rood haar met zwarte punt), gestroomd en wit. Alle behalve de witte moeten het ´urajiro´-patroon tonen: een witachtige vacht langs de voorsnuit, wangen, onderkant kaak, hals, borst, buik, staart en binnenkant van de poten.
Gebruik
In Japan gebruikt als onder andere jachthond en trekhond (ook voor de slee). Die functies heeft het ras in Nederland verloren: hier word de Akita puur gehouden als gezelschap.
Gezondheid
Geen ernstige gezondheidsproblemen in het ras bekend. Fokdieren worden onderzocht op het voorkomen van heupdysplasie, Patella Luxatie en erfelijke oogafwijkingen. Bij de Akita komen de autoimmuum ziektes VKH en Sebaceous Adenitis voor.
Aard
Bedaard, waardig, laat echter niet met zich spotten. Volgzaam en ontvankelijk, niet slaafs. Waaks en afstandelijk tegen vreemden. De Akita kan zeer overheersend zijn, en dient op een zachte doch zeer duidelijke en consequente manier opgevoed te worden.
Bijzonderheden
Zeer gemakkelijk in het onderhoud: borstelen vooral nodig tijdens het verharen (twee maal per jaar), dan komt er veel los haar vrij