Hieronder vindt u informatie over de door de FCI erkende rassen en rasgroepen.
Aan de hier vermelde rasinformatie en afbeelding kunnen geen rechten ontleend worden. De omschrijving geldt als indicatie.
De officiële FCI rasstandaarden in samenhang met eventuele convenanten met de erkende rasvereniging gelden als leidend voor beoordelingen tijdens officiële FCI/Raad van Beheer exposities en wedstrijden en voor opname in het NHSB.
Grote, sterke Franse brak, die afstamt van de Chiens blancs du Roy en in de tweede helft van de vorige eeuw door Hublot du Rivault werd geschapen. Deze voerde herhaalde kruisingen uit tussen drie rassen: de Montemboeuf, de Céris en de Chien de Larye. Het ras draagt de naam van de plaats waar het werd ontwikkeld.
Algemeen voorkomen
Grote, sterke hond met een uitstekende neus. Sterke voorhand. Het hoofd is droog en van middelmatige lengte, met een zichtbare achterhoofdsknobbel; licht ondervoorbijtend. De ogen zijn levendig, donger en zwart of bruin omzoomd.
Schofthoogte
reuen 60-70 cm. teven 55-62 cm.
Vacht
Korte, hard aanvoelende vacht in geheel wit, heel licht bruin (café au lait) of wit met planten of mantel van lichtoranje of cintroen geel. Zwart of rood in de vacht is verboden.
Gebruik
Mede door zijn uitstekende neus wordt de hond vooral ingezet bij de jacht op wild zwijn, ree en haas
Gezondheid
Voor zover bekend zijn er geen rasspecifieke gezondheidsproblemen
Aard
Hij is vlijtig en schrander. Als huisdier is hij gehoorzaam aan zijn meester, maar hij is nogal twistziek ten opzichte van zijn maatjes in de meute
Bijzonderheden
Af en toe een borstelbeurt is voldoende als vachtonderhoud.