Hieronder vindt u informatie over de door de FCI erkende rassen en rasgroepen.
Aan de hier vermelde rasinformatie en afbeelding kunnen geen rechten ontleend worden. De omschrijving geldt als indicatie.
De officiële FCI rasstandaarden in samenhang met eventuele convenanten met de erkende rasvereniging gelden als leidend voor beoordelingen tijdens officiële FCI/Raad van Beheer exposities en wedstrijden en voor opname in het NHSB.
Is één van de oudste Hongaarse jachthonden.
Over de ontwikkeling bestaan verschillende theorieën Hoogstwaarschijnlijk is deze terug te verwijzen naar de grote volksverhuizing waar de Hongarse stammen werden vergezeld door brakken. Deze werden vermengd met de in de Karpaten aanwezige Keltische brakken.
Algemeen voorkomen
Middelgrote, goed gebalanceerde, sterke hond met een groot uithoudingsvermogen.
Middelgrote, donkere ogen met een vriendelijke uitdrukking. Goed bespierd met laaggeplaatste sprongen. Komen laagbenig en hoogbenig voor.
Schofthoogte
laagbenig 45-50 cm. hoogbenig 55-65 cm.
Vacht
De hoogbenige variëteit heeft een dikke, tamelijk stugge en glanzende vacht, terwijl de laagbenige variëteit een korte, sterke, gladde en glanzende vacht heeft.
De basiskleur van de hoogbenige is zwart met bruine en witte aftekening. De basiskleur van de laagbenige is bruin-rood met een witte aftekening.
Gebruik
Kan gebruikt worden voor de hondensport, maar jagen is zijn lust en zijnleven. Heeft een uitstekend reukvermogen. Gaat met veel passie achter het wild aan en zwaar terrein is geen probleem.
Gezondheid
Voor zover bekend geen rastypische gezondheidsproblemen.
Aard
Temperamentvol en onvermoeibaar, altijd klaar voor het spel. Worden wat rustiger als ze volwassen zijn. Zeer aanhankelijk en kunnen goed met kinderen overweg. Kunnen tegenover vreemden wat wantrouwig zijn, maar nooit agressief.
In de opvoeding heeft de Erdélyi Kopó een zachte, maar consequente hand nodig. Kan slecht tegen dwang. Geen hond voor beginners